Sinds enige tijd
doet de wetenschap wat de natuur niet kan: eigenschappen van één
soort – gewas, dier of mens – overplanten op een andere
soort. Op die manier ontstaan genetisch gemodificeerde organismen
(GGO's). Toepassingen van genetische modificatie zijn vooral te
vinden in de gezondheidssector (bijvoorbeeld bij de productie van
geneesmiddelen) en in de productie van (plantaardig en dierlijk)
voedsel. In België worden GGO's voor de voeding, net zoals
in de ons omringende landen, alleen nog maar op proefbasis geproduceerd.
Maar er worden er wel al veel verwerkt in voedingsmiddelen met ingevoerde
ingrediënten zoals chips, koekjes, babyvoeding en sauzen.
Deze nieuwe techniek is de bron van heel wat discussie tussen voor-
en tegenstanders.
De controverse inzake de wenselijkheid van genetische modificatie
is het grootst met betrekking tot de landbouw en de voeding. Tegenstanders
schermen met de mogelijke risico's voor mens en milieu, het gebrek
aan maatschappelijke baten en de dreigende afhankelijkheid van multinationals.
De voorstanders komen met argumenten over de strenge maatregelen
die worden genomen om risico's uit te sluiten en met de vele mogelijke
voordelen op termijn.
Feit is dat de natuur hier wordt gebruikt als laboratorium voor
experimenten waarvan de lange termijn-effecten nog niet helemaal
in te schatten zijn. Dat is meteen de hoofdreden waarom er in brede
kringen van de maatschappij argwaan bestaat tegenover deze techniek
en waarom met veel aandrang zo streng mogelijke veiligheidsgaranties
worden geëist.
Deze site van Test-Aankoop beantwoordt de belangrijkste vragen met
betrekking tot GGO's aan de hand van de huidige wetenschappelijke
kennis ter zake. Wij gaan ook na hoe en onder welke voorwaarden
moderne biotechnologie een bijdrage zou kunnen leveren aan een goede
en toegankelijke gezondheidszorg, voldoende voedsel van goede kwaliteit
en aan een behoorlijk niveau van welvaart en welzijn in het algemeen.
|